woensdag 19 augustus 2009

A room with a view







Onze voormiddag in Malakka spendeerden we aan het bezoeken van het paleis van de Sultan. Althans aan de perfecte replica die men er hier enkele jaren geleden van gebouwd heeft. Een schitterend staaltje schrijnwerkkunst want dit volledig houten gebouw is gemaakt zonder ook maar 1 spijker of schroef. Binnenin maak je op blote voeten kennis met de geschiedenis van de Maleisische sultanaten en het bezoek is echt de moeite waard.
Na een wandeling doorheen de bijhorende tuinen keerden we terug naar ons hotel. Op de terugweg zagen we een klein Japans pantserwagentje staan dat me deed denken aan een stripverhaal. Ik vermoed dat het in "Kuifje en de Blauwe Lotus" voorkomt. Na het uitchecken namen we ons middagmaal op het terras van een bistro naast het hotel. Daar waren we getuige van het vertrek van een lid van de koninklijke familie van Johor Bahru dat blijkbaar de nacht doorgebracht had in ons hotel. 2 dikke Cadillac's en een bijhorende jeep vol gorilla's in pak en met zonnebril, het leek wel een film. Maleisië kent maar liefst 12 koninklijke families die om de 5 jaar het koningschap aan mekaar doorgeven. En wij maar klagen over teveel prinsen en prinsessen in België. Hier kan je er de straat mee leggen.

Stipt op tijd arriveerde de bus die ons naar Singapore zou brengen. Gezien de reistijd van bijna 5 uur (grenscontroles inbegrepen) kozen we voor een betere maatschappij dan degene die ons van Kuala Lumpur naar Malakka bracht. Voor het prijsverschil moest je het echt niet laten. Op de bus stond in dikke letters "VIP service". En dat was het dan ook. De zetels moesten in omvang niets onderdoen voor eersteklaszetels in de grote vliegtuigen. Dat de Indische chauffeur zich ook niet aan de snelheidsbeperkingen hield moesten we er maar bijnemen.

Maar de grootste verrassing moest nog komen.
Een week geleden boekten we een nieuw hotel in Singapore voor onze allerlaatste nacht. Het hotelletje in het Red Light District was heel leuk om de reis mee te starten maar na 3 weken rondreizen wilden we wel iets beters. We vonden een aanbieding op het internet in het Peninsular Excelsior Hotel. De foto's zagen er goed uit en er was ontbijt + gratis internet in de zeer schappelijke prijs inbegrepen. Toen we ons aanboden aan de receptie om in te checken zei het meisje dat we daar niet moesten zijn want we waren VIP gasten. Met een verraste blik zetten we ons neer in de zetels van de lobby waar we op iemand moesten wachten. Die iemand was een sympathieke dame die ons meenam naar de Skylounge op de 22ste verdieping. We zaten nog niet neer en er stond al een dame naast ons om een gratis cocktail aan te bieden.
Bleek dat de aanbieding die we reserveerden er eentje voor een clubkamer was. Met allerlei extra's, veel tralala en toegang tot de skylounge die een fenomenaal uitzicht biedt op deze wereldstad. Hetzelfde uitzicht hebben we vanuit onze kamer en eveneens morgenochtend bij het ontbijt. Een dikke meevaller voor onze laatste nacht die ons all-in 70 euro zal kosten.

Morgen spenderen we onze laatste uren aan wat bezoekjes aan de stad want 's avonds moeten we rond 21u00 in Changi Airport zijn. Onze vlucht naar Dubai vertrekt er om 00u30 waar we, na een tussenlanding in Sri Lanka, rond 05u40 (Dubai tijd) aankomen.

En we rijden met de bus ...


Woensdag busdag.
Voor onze laatste verplaatsing over Maleisisch grondgebied kozen we een bus van de firma Konsortium Express & Tours. Die pikt ons rond 14u30 op aan ons hotel en brengt ons rechtstreeks naar Singapore. Vermoedelijk met een stop aan de immigratiediensten van beide landen. Het belooft een betere bus te worden dan die van gisteren. Maar eerst zien en dan geloven.

Voor de rest houden we het rustig. Nog een ochtendwandeling in Malakka en vanavond zoeken we ons een leuk restaurantje in Singapore om te herdenken dat wij vandaag 21 jaar geleden in den echt verbonden werden. Bloemen noch kransen ;-)

dinsdag 18 augustus 2009

Weg met den poserenden toerist !!













Gisteren sloten we onze blog af met de melding dat er een tropisch onweer losgebarsten was boven Kuala Lumpur. Dat heeft maar liefst anderhalf uur geduurd. Flits, boem, KNAL. Als een gedicht van Van Ostaijen weerkaatste het lawaai van de donder duizendvoudig tussen de wolkenkrabbers van de stad. 't Was de moeite.
We waren van plan om 's avonds Little India te bezoeken maar in dergelijke weersomstandigheden was dat onbegonnen werk. We kozen dan maar voor een lekker diner in het Japans restaurant van ons hotel. En dat was overheerlijk.

Vandaag was het rammelkarrendag. Het begon al bij de taxi die ons naar het Puduraya busstation bracht voor onze reis naar Malakka. Alles rammelde aan die wagen en tijdens de rit slaagde hij er zelfs in om het taxibordje van op het autodak te verliezen. No problem sir, very cheap ;-)

Het Puduraya busstation is de hel op aarde voor reizigers. Wel 72 autocars staan er ondergronds te draaien terwijl ze hun passagiers inladen. Combineer dit met de hitte en een totaal gebrek aan verluchting en dan begrijp je waarom de meeste reizigers pas de laatste minuten arriveren en niet het half uur op voorhand wat je geadviseerd wordt. Weer iets bijgeleerd.

De autocars van Transnasional zijn allemaal nieuw en luxueus behalve eentje, de bus naar Malakka. Zowat alles binnen de bus was hersteld met dikke zwarte composietlijm en de zetels hadden hun beste tijd al lang gehad. Onze chauffeur had duidelijk een Schumachercomplex want hij scheurde letterlijk over de snelweg. Allerlei bieptoontjes lieten vermoeden dat ook de elektronica aan boord niet meer van de nieuwste was. Gelukkig hebben we al straffere dingen meegemaakt in Afrika want anders lieten we die bus onmiddellijk stoppen.

Na een rit van twee uur kwamen we dan toch heelhuids aan bij het centraal station van Malakka. Voor een keer moesten wij niet onderhandelen met de taxichauffeurs, ze deden het onder mekaar. De winnaar, chauffeur van een aftandse Mercedes, bracht ons met de nodige stijl (maar opnieuw al rammelend) naar ons hotel voor 1 nacht. Dat ligt vlakbij het historische centrum van de stad.

Malakka heeft een lange geschiedenis als haven en als handelsstad. Het was achtereenvolgens in handen van de sultans, de Portugezen, de Nederlandse VOC, de Britten, de Japanners tijdens WO II, opnieuw de Britten en dit tot bij de onafhankelijkheid van Maleisië eind jaren 50.

Vooral de Nederlanders hebben er mooie gebouwen nagelaten die nu ingericht zijn als museum dat zeker een bezoekje waard is. Overal in het historische gedeelte wordt je aangeklampt door vaak hoogbejaarde riskja drivers die je proberen in hun overdadig met bloemen versierde fietstaxi's te lokken. Tot vervelens toe trouwens want na een tijdje antwoord je met een grote smile terwijl je in het platste West-Vlaams “ Stop die riksja waar de zon nooit schijnt vent” tussen je tanden murmelt.

En dan komen we bij den poserenden toerist. Naast de onvermijdelijke Nederlanders – het kan toch niet anders dan dat hun land gewoon leegstaat tijdens de zomervakantie – wordt Malakka overspoeld door horden Chinese, Japanse, Koreaanse en andere Aziatische toeristen. Die hebben maar een doel voor ogen: poseren, poseren en nog eens poseren. Het is hier zo erg dat je gewoon de kans niet krijgt om zelf een foto van de monumenten te maken zonder half Tokyo erbij.

Bij deze lanceren wij de club “ Weg met den poserenden toerist “. Het doel is duidelijk en wat ons betreft heiligt het ook de middelen. Malakka is vanuit historisch oogpunt zeer de moeite waard om te bezoeken, de stad is vorig jaar terecht erkend als werelderfgoed. Maar het toeristische circus er rond is er echt teveel aan. Gelukkig kan je er snel aan ontsnappen in de prachtige parken rond Malakka Heuvel met eeuwenoude bomen wier stammen weelderig begroeid zijn met varens en orchideeën allerhande en in wiens takken de mooie Zwartkop Buul-buuls zitten te spelen.

Rond 19u00 zagen we vanuit onze kamer in het statige Equatorial Hotel de zon ondergaan boven de Straat van Malakka, 's werelds drukst bevaren waterweg. Dit onder begeleiding van wel 4 imams die tegen mekaar opzongen om de gelovigen aan te zetten tot het aanheffen van het avondgebed.
We blijven hier 1 nacht, morgen na de middag reizen we verder naar Singapore.

Op weg naar Malakka


Dinsdag busdag.
Vandaag testen we de Maleisische lange-afstandsverbindingen bij uitstek: de autocars. Via de snelweg brengt de maatschappij Transnasional ons naar Malakka, de stad waar indertijd het koloniale avontuur in Maleisië begonnen is. Het is onze laatste bestemming in dit prachtige land alvorens we teruggaan naar Singapore, de stadsstaat waar onze trip 3 weken geleden gestart is.

We vertrekken rond 11u00 in Kuala Lumpur en komen rond 13u00 aan op onze bestemming.
Met de bus is het altijd een beetje reizen.

maandag 17 augustus 2009

Fake street, city views en toch wat natuur










We hebben maar 1 volle dag om Kuala Lumpur te verkennen en dat doen we dan ook intensief. Je geraakt hier zowat overal met het openbaar vervoer dat bestaat uit een monorail, een metro, een sneltrein en natuurlijk de bussen die steeds begeleid worden door een jongeman die luidkeels passagiers probeert te ronselen.

Morgen reizen we verder naar Malakka en dat gaat per tourbus. Om een ticket te bemachtigen moet je in het Pudraya busstation zijn. Probeer je een lawaaierig gebouw voor te stellen vol winkeltjes, stalletjes, eetkraampjes en schreeuwende ronselaars die je proberen te overtuigen om met hun bus mee te reizen. En een kleine 1000 mensen die vertrekken of aankomen. Na wat zoekwerk vonden we het loket van Transnasional. Die brengen ons morgen op twee uur tijd 144 Km verder in Maleisië voor de ronde prijs van 24 Ringgit voor 2 personen (ongeveer 5 euro). De reis verloopt via de snelweg die Kuala Lumpur verbindt met Singapore.

Het Pudraya busstation ligt vlak naast Chinatown. Zoals overal in Maleisië is dit een bonte mengeling van winkels en kraampjes in warme en ook protserige kleuren. Centraal loopt de Jalan Petaling, een overdekte winkelstraat vol kraampjes met textiel, handtassen en uurwerken. Na nader toezicht hebben we de straat herdoopt in "Fake street of Namaakstraat". Alle producten pronken met dure namen zoals Breitling, Gucci, Dior of Chanel. Je hoeft echt geen specialist te zijn om vast te stellen dat dit allemaal namaakspullen zijn. En toch zie je veel Westerse toeristen die zich laten verleiden om die dingen te kopen. Dat ze daarmee een fikse boete riskeren bij terugkeer in Europa lijkt hen niet te deren. En dat voor een prul dat vermoedelijk in de een of andere louche Chinese fabriek gemaakt werd door sukkelaars die er hard moeten werken voor een aalmoes en vooral met minderwaardige materialen.

In een zijstraatje vonden wij 2 Chinese winkels waar wel boeiende dingen verkocht werden. We tikten een mooie kalligrafie set op de kop en Christel vond er een Chinees beiteltje en een speciale houten klem om steentjes en keien in te verankeren tijdens het letterkappen. We stapten nog even de lokale Chinese tempel binnen vol kitscherige draken, vloekende kleuren en dampende wierookspiralen. Het moet wel gezegd worden, je bent steeds welkom in die tempels.

De luchtbrug tussen de Petronas Twin Towers is gesloten op maandag dus reden we met een taxi naar de iets verder gelegen Menara Tower. We reden onder andere door de Jalan Yap Ah-Loy, genoemd naar de stichter van Kuala Lumpur (de naam betekent zoveel als modderbaai). De Indische chauffeur wist ons te vertellen dat dit de enige eer was die de stichter van de stad te beurt gevallen was. Reden? Het was een Chinees en geen moslim. Hier in de hoofdstad merk je toch meer dat de macht in dit land in handen is van de Islamitische sultans en dat de andere bevolkingsgroepen een trapje lager staan op de maatschappelijke ladder.

De Menara toren is 421 meter hoog en is daarmee niet zoveel kleiner dan de Petronas Twin Towers. Je wordt er met een supersnelle lift naar het observatiedek gebracht op 276 meter boven de grond. Dat levert een spectaculair zicht op deze megastad waar je de hele wereld tegenkomt. Bij het ontbijt zit je tussen Aziaten, Afrikanen, Westerlingen en Arabische oliesjeiks die vergezeld worden door vrouwen in zwarte burka's. Als je ziet hoe die vrouwen hun toastje met confituur moeten opeten onder een zwart lapje stof dan stel je toch wel wat vragen over deze extreme kleding. Maar je kan je evenveel vragen stellen over de bleke volslanke Westerlingen wiens Michelinbandjes ongegeneerd uit veel te kleine t-shirts vallen boven het ontbijtbuffet.

In het toegangsticket voor de Menara Tower zit ook een gratis ponyrit, een "spannende" rit in de F1 simulator en een bezoekje aan de zoo die zich aan de voet van de toren bevindt. Pony's en F1 lieten we voor wat ze zijn en we staken even onze neus binnen in de zogenoemde zoo. Opnieuw een collectie vogels, reptielen en amfibieën, aangevuld met enkele aapjes. Opnieuw super verzorgd maar véél te kleine kooien en terrariums.

Tussen al dat toeristisch geweld vonden we bijna bij toeval de toegang tot het Bukit Nanas natuurreservaat. Geloof het of niet maar aan de voet van deze enorme communicatietoren ligt ongeveer 12 hectaren oorspronkelijk regenwoud dat al sedert 1906 beschermd wordt tegen de bouwwoede die de omliggende stad tekent. Er zijn enkele verzorgde wandelroutes doorheen het bos vol meranti en merbaubomen. Het kent een opmerkelijke soortenrijkdom en wij liepen enkele aapjes tegen het lijf. Zonder kooitjes.

Een stad verkennen in deze vochtige tropen is fysiek zeer vermoeiend. We pauzeerden even aan het zwembad van ons hotel en trekken vanavond opnieuw de stad in. En blijkbaar deden we er goed aan om even terug te keren want terwijl ik dit schrijf barst er hier een zwaar tropisch onweer uit boven de stad. Zou de bliksem op de Petronas Twin Towers vallen?

zondag 16 augustus 2009

Ik wil de grootste hebben









We hadden in de namiddag en vooravond mooi de tijd om de Petronas Twin Towers te bezoeken. Ze staan op amper 5 minuten wandelen van ons hotel. En we moeten het toegeven, het zijn indrukwekkende torens. Ook binnenin getuigen ze van smaak. Strakke islamitische lijnen worden afgewisseld met cirkels en spiralen.
In het middengebouw is er een mega shoppingcenter gevestigd. Vooral de duurdere merken hebben er hun stekje. En je kunt er op de koppen lopen.

Via een onderaardse wandelweg kom je bij het KLCC Aquarium terecht dat we en passant ook bezocht hebben. Handig weetje: men accepteert er de Vlaamse Lerarenkaart wat Christel een vermindering op de toegangsprijs opleverde van 10 ringgit. (normale toegangsprijs 38 ringgit).
Ook hier wil men blijkbaar tonen dat men de grootste heeft. Een aquarium waar het Blankenbergse Sea Life Center vele malen in past. Er loopt zelfs een transportband doorheen de tunnels om de lange wandeling wat draaglijker te maken.
Natuurlijk zijn deze zeedieren veel mooier om zien in hun natuurlijke omgeving. Maar als je in Kuala Lumpur bent dan is een bezoekje aan dit aquarium een must.
Enig minpuntje: de expositie start met een overzicht van amfibieën, reptielen, spinnen en insecten uit Maleisië. Die dieren zitten echt in véél te kleine kooien en terraria. Weliswaar net tot in de puntjes, maar toch staat dit in schril contrast met de omvang van het zeewateraquarium dat ongetwijfeld miljoenen liters water moet bevatten.
Als kers op de taart was het donker geworden toen we opnieuw buitenkwamen. Zo kregen we de torens ook eens by night te zien.

Zwemmen onder de Petronas Twin Towers


Malaysia Airlines heeft ons opnieuw niet in de steek gelaten. Stipt op tijd vetrokken van op de mini-luchthaven van Sandakan en 2uur en 45 minuten later stonden we op de tarmac van de supermoderne luchthaven van Kuala Lumpur. Het eerste gedeelte van de vlucht was zeer rustig. We zagen zelfs de eilanden voor de kust van Kota Kinabalu waar we eerder gesnorkeld hebben.

Het weer boven Kuala Lumpur is nogal onweerachtig voor het moment en dat hebben we gevoeld tijdens de landing. Iedere wolk die we binnenvlogen tijdens de afdaling zorgde voor een stevige turbulentie. Ambiance verzekerd.

Na aankomst stapten we in de KL Express, een hoge snelheidstrein die je op amper 23 minuten naar het centraal station van deze wereldstad brengt. Daar namen we de monorail die ons naar het Ampang Park bracht, vlakbij ons hotel.
We verblijven de komende 2 dagen bijna letterlijk onder de 452 meter hoge Petronas Twin Towers, de meest opvallende gebouwen in Kuala Lumpur en momenteel de vierde hoogste torens ter wereld. Vanuit onze kamer stappen we via een terrasje naar het zwembad dat ons, na een goeie douche, wat verkoeling zal brengen in dit vochtige en bloedhete klimaat. De foto toont het zicht dat we hebben van op ons terras. We kijken zijdelings op de torens en zien er daarom maar eentje. Voor de leken: de Petronas Tower is de middelste.